Fiscale faciliteiten voor Nederlandse scheepvaartondernemingen

Met de aanwezigheid van een van de grootste havens ter wereld, de haven van Rotterdam, is Nederland zeer aantrekkelijk voor scheepvaartondernemingen. Rotterdam biedt met de Tweede Maasvlakte toegang tot ‘s werelds grootste containerschepen en huisvest een groot aantal (inter)nationale scheepvaartbedrijven. Niet alleen rederijen, maar ook hun leveranciers en afnemers zijn in en rondom de haven van Rotterdam gevestigd, sommige al generaties lang. Het Nederlandse fiscale klimaat voor de maritieme sector is een andere belangrijke reden voor scheepvaartbedrijven om zich in Nederland te vestigen. Speciaal voor deze maritieme ondernemingen zijn bepaalde faciliteiten in de fiscale wetgeving opgenomen, waaronder de tonnageregeling en een willekeurige afschrijving op zeeschepen.

Tonnageregeling

In Nederland gevestigde scheepvaartbedrijven hebben de mogelijkheid om de wijze waarop hun winsten worden belast te kiezen. Naast de reguliere wijze van belastingheffing, gebaseerd op daadwerkelijk gerealiseerde winsten, mogen rederijen de tonnageregeling toepassen. Indien daarvoor wordt gekozen, worden de belastbare winsten berekend op basis van de tonnage van de zeeschepen waarmee de winsten worden behaald. Per 1000 netto ton wordt dagelijks een vast bedrag aan winst vastgesteld. Daarbij geldt dat het vaste bedrag afneemt naarmate de tonnage van een schip toeneemt. De vastgestelde winst is uiteindelijk belast voor de vennootschapsbelasting. De onderneming dient om toepassing van de tonnageregeling te verzoeken bij de Belastingdienst.

Toepassing van de speciale regeling is verbonden aan een aantal voorwaarden. Zo moet het de winst worden behaald met de exploitatie van zeeschepen, welke actief zijn in het internationale zeevaartverkeer. Daarnaast geldt de tonnageregeling slechts voor schepen met een specifieke bestemming, bijvoorbeeld het op de zeebodem leggen van kabels en pijpen, het op zee verrichten van takel- en hefwerkzaamheden aan schepen en verkenning van de zeebodem. Onder de exploitatie van zeeschepen wordt verstaan dat de onderneming in bepaalde mate het (commerciële) beheer van het schip verricht. Daaronder wordt verstaan het commerciële, technische en bemanning beheer. Verder moet de onderneming het schip voor minstens 5% in (mede-)eigendom hebben of in rompbevrachting houden. Een andere belangrijke voorwaarde is dat het schip in beginsel de vlag moet voeren van een EU-lidstaat of een land dat aangesloten is bij de EER.

De tonnageregeling geldt in principe voor een periode van tien jaren. Daarna kan de scheepvaartonderneming ervoor kiezen om de regeling al dan niet toe te blijven passen. Wij adviseren om een goede afweging te maken alvorens om toepassing van de tonnageregeling te verzoeken. Onder deze regeling is afschrijving van de schepen niet toegestaan, heeft een toe- of afname van de waarde van de schepen geen invloed op de belastingheffing en kunnen scheepsactiviteiten niet leiden tot fiscale verliezen.

Versnelde afschrijving

Als een scheepvaartbedrijf ervoor kiest om de tonnageregeling niet toe te passen, wordt de winst uit zeescheepvaart berekend volgens de normale regels voor de fiscale winstberekening. Door het kapitaalintensieve karakter van de zeescheepvaart is de afschrijving op zeeschepen een belangrijke factor bij de vaststelling van de jaarwinst. Daarom mag onder voorwaarden versneld op zeeschepen worden afgeschreven: degressief of willekeurig. De voorwaarden die aan het zeeschip worden gesteld om deze faciliteit toe te passen zijn bijna identiek aan die voor toepassing van de tonnageregeling. Bij degressieve afschrijving geldt – ingeval van een nieuw zeeschip – een residuwaarde van 15% van de aanschaffings- of voortbrengingskosten en een levensduur van 15 jaren. Ingeval van willekeurige afschrijving mag de rederij jaarlijks maximaal 20% afschrijven op de aanschaffings- of voortbrengingskosten. De willekeurige afschrijving mag er niet toe leiden dat de jaarlijkse winst negatief wordt. Als dat wel het geval is, mag het resterende afschrijvingsbedrag worden meegenomen naar het volgende jaar. Tot slot dient de onderneming zich voor een periode van tien jaren aan de voorwaarden te houden.

Afdrachtvermindering zeevaart              

Een andere fiscale faciliteit die openstaat voor scheepvaartbedrijven is de afdrachtvermindering zeevaart. Een scheepvaartbedrijf mag door toepassing van de regeling een deel van de loonbelasting die wordt ingehouden op de salarissen van zeevarenden behouden. Als zeevarenden worden gezien kapiteins, scheepsofficieren en scheepsgezellen. Afhankelijk van de woonplaats van de werknemer, mag de rederij tot 40 procent van het salaris van de zeevarende behouden.

Btw-mogelijkheden

Scheepvaartbedrijven kunnen een voordeel behalen door de toepassing van het btw-nultarief op goederen bestemd voor de bevoorrading van schepen die worden gebruikt voor de vaart op volle zee en voor boor- en werkeilanden. Het nultarief kan ook van toepassing zijn op de aankoop van zulke schepen. Verder hoeven leveranciers van voornoemde goederen geen btw in rekening te brengen, maar kunnen de inkoop-btw in verband met kosten die op die goederen zien wel in aftrek brengen.

Het btw-nultarief kan daarnaast worden toegepast voor de bevoorrading en de levering van bepaalde voorwerpen voor schepen met een specifieke bestemming. Ook kan het nultarief van toepassing zijn op de levering van de schepen zelf. Dit kan onder meer voor schepen bestemd voor passagiersvervoer, industriële activiteiten en/of hulpverlening. De levering van goederen bestemd voor de bevoorrading van binnenvaartschepen en de levering van zulke schepen zijn uitgesloten van het btw-nultarief.

Fiscale faciliteiten voor milieuvriendelijke investeringen

Scheepvaartondernemingen die investeren in milieuvriendelijke technieken en bedrijfsmiddelen, kunnen mogelijk de “Willekeurige afschrijving milieu-investeringen” (Vamil) toepassen. Onder meer investeringen die verbandhouden met duurzaam transport en circulaire economie kunnen kwalificeren als milieu-investeringen. Door toepassing van de Vamil mogen ondernemers op een door hen gekozen moment 75 procent van de investeringskosten afschrijven. Toepassing van de Vamil kan leiden tot een netto belastingvoordeel van 12 procent van het investeringsbedrag.

Om in aanmerking te komen voor toepassing van de Vamil, moet aan een aantal voorwaarden zijn voldaan. Zo moet de onderneming gevestigd zijn in Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten of een van de BES-eilanden. Daarnaast moet de onderneming inkomsten- of vennootschapsbelasting betalen en investeren in een bedrijfsmiddel dat op de Milieulijst is opgenomen. De Milieulijst biedt een overzicht van alle producten (voor scheepvaartbedrijven voornamelijk scheepsonderdelen) waarop ondernemingen onder voorwaarden de Vamil toe kunnen toepassen wanneer zij daarin investeren. Naast de Vamil biedt de Nederlandse fiscale regelgeving nog andere milieu-gerelateerde faciliteiten (EIA, MIA, ISDE, SDE+) die scheepvaartondernemingen mogelijk toe kunnen passen.

hvk-stevens-logomarklichtgrijs