Uitstel van betaling van belastingen

Laatst bijgewerkt op 3 september 2021

De overheid heeft sinds het uitbreken van de coronacrisis diverse maatregelen genomen om de financiële impact van deze crisis te beperken. Eén van de speerpunten van die maatregelen is uitstel van belastingbetaling. Hieronder zullen we de hoofdlijnen van de uitstelregeling voor u bespreken.

Versoepeling en verruiming van het uitstelbeleid

Uitstel van betaling

Op basis van de Leidraad Invordering 2020 kunnen ondernemers die door bijzondere omstandigheden waarvan de oorzaak buiten hun invloed ligt in liquiditeitsproblemen zijn gekomen, om bijzonder uitstel van belastingbetaling verzoeken. Bovenop deze algemeen geldende uitstelregeling is een specifieke uitstelregeling ontworpen speciaal voor de gevolgen van de coronacrisis. Met deze specifieke regeling keurt de overheid goed dat de Belastingdienst gedurende drie maanden (doch uiterlijk tot 1 oktober 2021) geen invorderingsmaatregelen treft bij ondernemers die om uitstel van betaling hebben verzocht, of nog verzoeken, in de periode tussen 12 maart 2020 en 30 september 2021.

Om betalingsuitstel te krijgen dienen ondernemers en ondernemingen, nadat een belastingaanslag is opgelegd, schriftelijk of digitaal binnen de betalingstermijn van die aanslag een verzoek om ‘bijzonder’ uitstel in te dienen via een daartoe bestemd formulier. Bij de eerste aanvraag om uitstel van betaling dient op het formulier aangegeven te worden voor welke belastingen om uitstel wordt verzocht. Het verzoek om uitstel wordt gezien als een verzoek om uitstel van betaling voor alle openstaande en nog op te leggen belastingaanslagen met betrekking tot de hierna genoemde belastingen.

De belastingen waarvoor bijzonder uitstel van betaling kan worden aangevraagd zijn de loonheffingen, omzetbelasting, inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen, inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet, vennootschapsbelasting, kansspelbelasting, assurantiebelasting, verhuurdersheffing, milieubelastingen (energiebelasting en ODE, kolenbelasting, afvalstoffenbelasting, belasting op leidingwater), accijnzen, verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken en BPM die is verschuldigd vanaf 1 mei 2020 door een ondernemer welke in bezit is van een vergunning in de zin van artikel 8 van de Wet BPM.

Het versoepelde uitstelbeleid betekent dat ondernemers en ondernemingen eenvoudiger uitstel van betaling kunnen aanvragen voor meer belastingen dan bij het reguliere bijzondere uitstel. Voor het aanvragen van driemaands bijzonder ‘corona-uitstel’ hoeft bijvoorbeeld geen liquiditeitsoverzicht te worden overlegd. Ondernemers kunnen tot en met 30 september 2021 om uitstel van betaling verzoeken. Ondernemers en ondernemingen die na 1 april 2021 voor de eerste keer een verzoek indienen, krijgen dus tot 1 oktober 2021 uitstel van betaling van nieuw opkomende betalingsverplichtingen.

Verlengd uitstel

Ondernemers of ondernemingen aan wie reeds eerder driemaands uitstel is verleend, kunnen onder bepaalde voorwaarden om uitstel van betaling verzoeken voor een periode langer dan drie maanden. Hierom kan al in het eerste verzoek worden verzocht, of tot en met uiterlijk 30 september 2021 schriftelijk of digitaal via een daartoe bestemd formulier. Voor ondernemers en ondernemingen die eerder in 2021 al verlenging hebben gekregen, wordt het uitstel automatisch verlengd tot 1 oktober 2021. De voorwaarden voor zogenaamd ‘verlengd’ uitstel zijn als volgt:

  • Allereerst moeten de bestaande betalingsproblemen langer uitstel noodzakelijk maken;
  • Die betalingsproblemen moeten hoofdzakelijk door de coronacrisis zijn ontstaan;
  • Voor de belastingschuld waarvoor het uitstel wordt aangevraagd moet zijn voldaan aan de aangifteplicht;
  • Het gevraagde uitstel moet betrekking hebben op één van de eerder genoemde belastingsoorten;
  • De ondernemer moet verklaren dat in de periode vanaf het indienen van het verzoek tot het moment dat het uitstel dat ingevolge deze goedkeuring is verleend wordt ingetrokken of vervalt, geen bonussen worden uitgekeerd aan de RvB en de directie van de onderneming, geen dividend wordt uitgekeerd en geen eigen aandelen worden ingekocht. Onder bonussen vallen ook winstuitdelingen en andere betalingen die kenmerken van bonussen bezitten. Bonussen, dividenden en aandelen waarvan uitbetaling en inkoop na het uitstelverzoek plaatsvinden, maar waarvoor de beslissing in 2019 is genomen tellen niet mee;
  • Als de totale belastingschuld op het moment van ontvangst van het verzoek meer dan € 20.000 bedraagt, is een verklaring van een derde-deskundige vereist die aan bepaalde eisen voldoet. Hieronder meer over deze verklaring.

Verklaringen

Indien een ondernemer verlenging van het uitstel van betaling wenst, dient aanvullende informatie te worden aangeleverd over de financiële positie van de onderneming. Indien de totale openstaande belastingschuld ten tijde van het eerste verzoek om uitstel minder dan € 20.000 bedroeg, kan worden volstaan met beperkte informatie. Een ondernemer moet dan aannemelijk maken dat de betalingsproblemen hoofdzakelijk zijn veroorzaakt door de coronacrisis. Dit kan onder meer met stukken waaruit blijkt dat de omzetcijfers of bestellingen aanzienlijk zijn gedaald ten opzichte van de overige maanden. Daarnaast moet de ondernemer verklaren dat hij er alles aan doet om de liquiditeitspositie te behouden of te versterken. Deze verklaring geldt voor de periode vanaf het insturen van het verzoek tot en met de datum van de vergadering waarin de jaarrekening in 2021 wordt vastgesteld.

Indien de openstaande belastingschuld hoger is dan € 20.000, moet de ondernemer naast de eigen verklaring een verklaring van een derde-deskundige bij het verzoek voegen. Als derde-deskundigen kunnen bijvoorbeeld optreden een externe consultant, een externe financier, een accountant of belastingadviseur. Deze verklaring bevat o.a. een liquiditeitsprognose, een verklaring dat aannemelijk is dat de betalingsproblemen hoofdzakelijk door de coronacrisis zijn ontstaan en een verklaring dat aannemelijk is dat er sprake is van bestaande of op korte termijn te verwachten betalingsproblemen. De liquiditeitsprognose moet volgens de derde-deskundige plausibel zijn en worden gemaakt aan de hand van de op het moment van de aanvraag bekende feiten en omstandigheden.

De verlenging van het uitstel geldt voor alle aanslagen en belastingen waarvoor de ondernemer eerder uitstel van betaling heeft aangevraagd.

Tot slot worden geen belastingteruggaven verrekend met openstaande belastingschulden waarvoor uitstel van betaling is toegekend. De ondernemer kan overigens wel om verrekening verzoeken.

Uitstel van betaling stopt per 1 oktober 2021

Het uitstel van betaling stopt per 1 oktober 2021. Ondernemingen die nog gebruik maken van het bijzondere betalingsuitstel vanwege de coronacrisis, zijn per die datum weer verplicht om tijdig aan hun lopende belastingverplichtingen te voldoen.

Dit betekent bijvoorbeeld dat afdrachten van loonheffingen en BTW vanaf de maand oktober weer periodiek voldaan dienen te worden. Dit betreft afdrachten op de aangiften die zien op één of meer van de volgende tijdvakken:

  • 3e kwartaal van 2021
  • september 2021
  • 10e vierwekenperiode van 2021

Ook voor andere belastingmiddelen geldt dat nieuwe aanslagen en afdrachten weer binnen de reguliere termijnen voldaan dienen te worden.

Wij wijzen u erop dat naast het bijzondere betalingsuitstel vanwege de coronacrisis ook een reguliere regeling bestaat voor uitstel van belastingbetalingen. In een voorkomend geval kan uw onderneming nog steeds een beroep doen op de reguliere uitstelregeling.

hvk-stevens-logomarklichtgrijs

Betalingsregeling openstaande belastingschulden

Algemene betalingsregeling

Om te voorkomen dat ondernemers en ondernemingen na het verlopen van het aan hen verleende uitstel in één keer hun opgebouwde belastingschuld verschuldigd zijn, begint het betalen van de openstaande bedragen voor de belastingen op 1 oktober 2022. Het gaat dan om belastingschulden die in de periode van 12 maart 2020 tot en met 30 september 2021 betaald hadden moeten zijn en waarvoor geen invorderingsmaatregelen zijn genomen onder het hierboven beschreven, bijzondere ‘corona-uitstel’ (zowel vallend onder de eerste drie maanden als onder ‘verlengd’ uitstel). Tot en met 30 september 2021 kan bijzonder uitstel van betaling of verlenging worden aangevraagd. Voor de belastingschulden waarvoor na 31 maart 2021 om uitstel is verzocht geldt dat de ondernemer vóór 1 oktober 2021 een aanvullend verzoek voor de betalingsregeling indient en daarbij aantoont dat hij aan de voorwaarden voor ‘verlengd’ uitstel voldoet.

De onderneming heeft door de betalingsregeling tot 1 oktober 2027 de tijd om opgebouwde belastingschulden af te lossen. Per 1 oktober 2021 zullen ondernemingen de betaling van nieuw opkomende fiscale betalingsverplichtingen moeten hervatten.

Maandelijkse termijnen

De betalingsregeling bestaat uit 60 maandelijkse gelijke termijnen, welke per 1 oktober 2022 aanvangen. Ondernemingen krijgen daarmee effectief een jaar de tijd waarbinnen ze dienen te beginnen met aflossen van hun opgebouwde belastingschuld. Per termijn geldt de laatste dag van de maand als uiterste betaaldatum. Dit betekent dat de eerste termijn uiterlijk 31 oktober 2022 betaald dient te zijn. De belastingschuld dient uiterlijk 30 september 2027 terugbetaald te zijn. Als de ondernemer niet meer voldoet aan de vereiste voorwaarden, kan de betalingsregeling worden beëindigd.

Tevens heeft de ondernemer de mogelijkheid om openstaande belastingschulden al vóór 1 oktober 2022 af te lossen. Bovendien kan naast het vaste maandelijkse bedrag vanaf 1 oktober 2022 ook versneld worden afgelost. Belangrijk is dat het kenmerk van de betreffende (naheffings)aanslag wordt vermeld bij de overboeking.

Het is vooralsnog onduidelijk hoe de Belastingdienst zal omgaan met ondernemingen die in oktober 2022 nog niet in staat zijn om te beginnen met de maandelijkse aflossingen.

hvk-stevens-logomarklichtgrijs

Geen verzuimboetes en verlaging invorderingsrente

Betalingsverzuimboetes

Om ondernemers verder tegemoet te komen worden geen betalingsverzuimboetes opgelegd voor betalingsverzuimen die in de periode van 12 maart 2020 tot 1 oktober 2021 worden begaan voor aanslagen waarvoor ‘corona-uitstel’ wordt verleend. Als er wel verzuimboeten zijn opgelegd, worden deze voor voornoemde periode geacht niet te zijn opgelegd en zullen deze worden vernietigd. Dit geldt voor alle eerdergenoemde belastingsoorten. Na 1 oktober 2021 worden wel betalingsverzuimboetes opgelegd. Het niet op aangifte afdragen van belastingen over de hiervoor genoemde belastingtijdvakken wordt dan weer beboet.

Invorderingsrente

De invorderingsrente voor alle belastingschulden is in ieder geval tot en met 31 december 2021 verlaagd naar 0,01% per jaar. Dit geldt ongeacht of voor de bewuste aanslag corona-uitstel is aangevraagd. Stapsgewijs gaat de invorderingsrente terug naar het oude niveau van 4% per jaar:
  • per 1 januari 2022: 1%
  • per 1 juli 2022: 2%
  • per 1 januari 2023: 3%
  • per 1 januari 2024: 4%

Belastingrente

Vanaf 1 oktober 2020 bedraagt voor alle belastingen de belastingrente 4%. Aangroei van belastingrente kan gestuit worden door voorlopige belastingaanslagen aan te vragen. Die aanslagen moeten in beginsel wel binnen de gestelde betalingstermijn worden betaald. Alleen als bij het verstrijken van die termijn nog bijzonder uitstel van kracht is (regulier of verlengd), dan loopt een aangevraagde voorlopige aanslag in dat betalingsuitstel mee. Als niet, dan zal óf voor een eerste keer bijzonder uitstel moeten worden aangevraagd óf verlengd uitstel moeten worden aangevraagd.

hvk-stevens-logomarklichtgrijs

G-rekeningen

Om ook ondernemers met een g-rekening tegemoet te komen is goedgekeurd dat het bedrag op de g-rekening dat overeenstemt met de verschuldigde loonheffing of omzetbelasting waarvoor uitstel van betaling is verleend, op verzoek gedeblokkeerd kan worden. Onder dezelfde voorwaarden blijft uitwinning van de g-rekening ook achterwege. Om deblokkering kan worden verzocht middels een formulier dat op de site van de Belastingdienst is geplaatst.

Bestuurdersaansprakelijkheid

Indien uw bedrijf moeite heeft met het betalen van bepaalde belasting- en premieschulden (zoals de omzetbelasting, vennootschapsbelasting, loonheffingen of afdrachten aan het pensioenfonds), meldt u dit dan zo snel mogelijk aan de Belastingdienst of het pensioenfonds. Indien uw onderneming niet in staat is om de betreffende schulden te betalen en indien u nalaat om betalingsonmacht tijdig te melden, dan heeft dat gevolgen voor eventuele hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurder(s) van en betrokkenen binnen uw onderneming. Een melding dient te worden gedaan binnen twee weken nadat een betaling verschuldigd is.

Een verzoek om bijzonder ‘corona-uitstel’ van betaling geldt als een tijdige en rechtsgeldige melding van betalingsonmacht voor niet betaalde belastingschulden. Let op, deze toezegging geldt alleen indien de betalingsonmacht hoofdzakelijk verband houdt met de coronacrisis.

Gemeentelijke belastingen

Ook op lokaal niveau hebben vele gemeenten maatregelen genomen om ondernemers te ondersteunen, bijvoorbeeld door het verlenen van betalingsuitstel van gemeentelijke belastingen. Omdat dit per gemeente kan verschillen, raden wij u aan om de ‘coronapagina’ op de website van uw gemeente te raadplegen om te bepalen welke maatregelen uw gemeente heeft genomen.

Contact

Heeft u vragen naar aanleiding van bovenstaande? Wij beantwoorden uw vragen graag. Neem contact op met onderstaand team, of uw gebruikelijke HVK Stevens adviseur.

hvk-stevens-logomarklichtgrijs