COVID-19
20/05/2020 HVK Stevens

COVID-19 Noodpakket 2.0

Op 17 maart kwam het kabinet met het Noodpakket banen en economie om de impact van het coronavirus op de Nederlandse economie te beperken. De maatregelen hadden een tijdelijk karakter en waren soms nog niet goed op de praktijk afgestemd. Het kabinet komt daarom nu met het Noodpakket 2.0, waarin bestaande maatregelen worden verlengd of aangepast en nieuwe maatregelen worden aangekondigd. HVK Stevens zet de ontwikkelingen voor u op een rij.

Verlenging en aanpassing loonkostensubsidie (“NOW”)

De huidige NOW-regeling voorziet in een subsidie voor de loonkosten van de maanden maart, april en mei 2020 (“NOW 1.0”). Met het oog op het aflopen van deze eerste subsidieperiode per 31 mei aanstaande, heeft het kabinet besloten de NOW-regeling met drie maanden te verlengen (“NOW 2.0”). Daarmee komen nu dus ook voor subsidie in aanmerking de loonkosten voor de maanden juni, juli en augustus (tweede subsidieperiode).

NOW 2.0

Net als voor de NOW 1.0 gaat voor de NOW 2.0 gelden dat sprake moet zijn van een omzetdaling van tenminste 20% ten opzichte van 2019.

Als additionele voorwaarde gaat voor de NOW 2.0 gelden dat een werkgever over het boekjaar 2020 geen winstuitkering mag doen of bonussen mag uitkeren aan het bestuur of de directie en geen eigen aandelen mag inkopen. Bonussen voor personeel vallen niet onder deze voorwaarde. Voor directeuren-grootaandeelhouders betekent dit dat zij maximaal hun gebruikelijk loon ontvangen. Deze voorwaarde geldt verder tot en met de aandeelhoudersvergadering in 2021 waarin de jaarrekening 2020 wordt vastgesteld. De voorwaarde lijkt niet te gaan gelden voor winstuitkeringen of bonussen over eerdere boekjaren. Tenslotte mag deze additionele voorwaarde niet disproportioneel zijn, bijvoorbeeld in die zin dat zij bedrijven belemmert in het aantrekken van nieuw kapitaal.

De NOW 2.0 gaat berekend worden op basis van de loonsom van de referentiemaand maart 2020 (SV-loon zoals dat voor die maand vaststaat op de peildatum 15 mei). Voor de NOW 1.0 was dat de loonsom van de maand januari 2020. Net als onder de NOW 1.0 geldt als basis het brutoloon met verschillende correcties en een aftopping. Het brutoloon wordt verhoogd met een vaste opslag. Deze opslag wordt onder de NOW 2.0 verhoogd van 30 naar 40 procent. Met deze verhoging van de opslag wordt beoogd dat de NOW 2.0 ook een bijdrage levert in andere vaste kosten dan de loonkosten.

De maandelijkse loonkostensubsidie bedraagt maximaal 90% van de loonsom plus opslag over maart. Het percentage van 90 geldt net als onder de NOW 1.0 bij een omzetdaling van 100% en wordt naar evenredigheid verlaagd naar mate de omzetdaling kleiner is, bijvoorbeeld:

omzetdaling    tegemoetkoming
50%           45%
25%         22,5%

Voor de bepaling van de omzetdaling wordt de omzet gedurende een driemaandsmeetperiode in 2020 vergeleken met de jaaromzet van 2019 gedeeld door 4. Werkgevers die geen NOW 1.0 hebben aangevraagd kunnen zelf een meetperiode aanwijzen waarin naar verwachting de omzet het laagste zal uitpakken. Hierbij geldt dat de gekozen driemaandsperiode moet beginnen op 1 juni, 1 juli of 1 augustus. Voor werkgevers die wel NOW 1.0 hebben aangevraagd (of uiterlijk op 31 mei aanstaande nog zullen aanvragen) zal de meetperiode voor de NOW 2.0 moeten aansluiten bij de meetperiode die zij hebben gekozen voor de NOW 1.0.

Het uitkeringssysteem van de NOW 2.0 blijft gelijk aan dat van de NOW 1.0: de werkgever ontvangt eerst een voorschot van 80% van de subsidie op basis van de loonsom van maart en een geschatte omzetdaling. Na afloop van de tweede subsidieperiode volgt de definitieve vaststelling van de subsidie. De subsidie zal daarbij weer in eerste instantie worden berekend op driemaal de loonsom van maart plus opslag maal een percentage afhankelijk van de daadwerkelijke omzetdaling. Het bedrag zal net als onder de NOW 1.0 worden gekort indien en voor zover de loonsom over de maanden juni, juli en augustus lager is dan de loonsom over maart. Onder de NOW 1.0 gold hierbij een strafkorting van 150% indien een voor zover de daling van de loonsom het gevolg was van ontslagen om bedrijfseconomische redenen. Deze strafkorting geldt niet langer onder de NOW 2.0.

Ontslagen om bedrijfseconomische redenen leiden vanaf 1 juni 2020 dus niet langer tot een strafkorting op de loonkostensubsidie. De wettelijke bescherming bij ontslag blijft gewoon van kracht. Bij de aanvraag van de NOW 2.0 zullen werkgevers moeten verklaren dat, indien in de tweede subsidieperiode sprake zal zijn van collectief ontslag, gedurende ten minste vier weken met de vakbonden overleg wordt gevoerd en dat de ontslagaanvraag niet eerder wordt gedaan dan vier weken nadat melding van voorgenomen collectief ontslag is gedaan aan de vakbonden. Daarnaast krijgen werkgevers een inspanningsverplichting om werknemers te stimuleren om aan bij- en omscholing te gaan doen.

Aanvragen voor de NOW 2.0 dienen bij het UWV te worden gedaan. Het streven is om het loket per 6 juli 2020 open te stellen. De NOW 2.0 kan tot uiterlijk 31 augustus worden aangevraagd.

NOW 1.0 verder verruimd

De NOW 1.0 pakte onvoordelig uit voor werkgevers met een relatief lage loonsom in de maand januari. Om deze werkgevers tegemoet te komen wordt de NOW 1.0 verruimd. Indien de loonsom over de eerste subsidieperiode (maart tot en met mei 2020) hoger is dan driemaal de loonsom van januari 2020, zal de loonsom van de maanden maart tot en met mei 2020 als uitgangspunt voor de NOW 1.0 worden genomen (waarbij de loonsommen van de maanden april en mei 2020 worden gemaximeerd op de loonsom van maart 2020). Omdat het voorschot van de NOW 1.0 hierop niet wordt aangepast, ontvangen deze werkgevers deze tegemoetkoming pas na de formele vaststelling van de NOW 1.0. Die formele vaststelling kan pas vanaf 7 september worden gevraagd en dan ook alleen door werkgevers die geen NOW 2.0 aanvragen. Voor werkgevers die ook NOW 2.0 aanvragen wordt de vaststellingsdatum nog bekend gemaakt.

Ziet u voor meer informatie onze bespreking van NOW 1.0.

Nieuwe regeling: Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB (“TVL MKB”)

Het kabinet komt verder met een belastingvrije tegemoetkoming voor overige vaste kosten voor MKB-ondernemers in aangewezen getroffen sectoren (denk onder meer onder meer de horeca, recreatie, evenementen, kermissen, podia en theaters). MKB-ondernemingen krijgen afhankelijk van de omvang van het bedrijf, de hoogte van de vaste kosten en de mate van omzetdaling (minimaal 30 procent) een tegemoetkoming voor hun vaste lasten tot een maximum van € 20.000 voor de drie maanden juli tot en met augustus 2020. In aanmerking komen de getroffen sectoren uit de TOGS-regeling.

De TVL MKB zal worden uitgevoerd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (“RVO”)

Uitstel van belastingbetaling

Belastingplichtigen die hun belastingschulden niet kunnen voldoen hebben de mogelijkheid om bijzonder uitstel van betaling aan te vragen bij de Belastingdienst. Voor ondernemingen en ondernemers die in liquiditeitsproblemen zijn gekomen door de coronacrisis heeft het kabinet eerder al de voorwaarden voor bijzonder betalingsuitstel voor een groot aantal belastingmiddelen tijdelijk versoepeld. Zo hoeven zij voor de eerste drie maanden betalingsuitstel geen financiële onderbouwing te verstrekken aan de Belastingdienst.

De periode waarin ondernemingen en ondernemers het versoepelde bijzonder uitstel van belastingbetaling kunnen aanvragen, wordt verlengd van 19 juni 2020 tot 1 september 2020. Deze verlenging is relevant voor ondernemingen en ondernemers die nog geen versoepeld bijzonder uitstel hebben aangevraagd.

Let u erop dat na het verstrijken van drie maanden na indiening van het eerste uitstelverzoek het betalingsuitstel in één keer eindigt voor alle belastingbetalingen die gedurende deze drie maanden zijn opgeschort. Dit zal in de praktijk voor veel ondernemingen een zeer omvangrijke acute betalingsverplichting betekenen.

Verlengd uitstel kan nu al aangevraagd worden. Deze aanvraag zal echter vergezeld moeten gaan van financiële onderbouwing op basis van projecties op het moment van het verzoek om verlengd uitstel. Om beter te waarborgen dat het geld ook in de onderneming blijft, kondigt het kabinet nu aan dat bij aanvraag van verlengd betalingsuitstel ondernemingen zullen moeten verklaren dat zij geen dividenden en bonussen uitkeren of eigen aandelen inkopen. Eenmaal toegekend verlengd betalingsuitstel zal in ieder geval gelden tot 1 september 2020. Bij het aflopen van het verlengde betalingsuitstel zal de Belastingdienst de onderneming in staat stellen een passende betalingsregeling af te sluiten. Het kabinet zal nog komen met een concrete vormgeving van zo’n betalingsregeling.

De eerder aangekondigde tijdelijke verlaging van belastingrente en invorderingsrente naar 0,01% per jaar blijft in ieder geval gelden tot 1 oktober 2020.

Ziet u voor meer informatie over uitstel van belastingbetaling onze uitleg via deze.

Overige maatregelen

Voorwaarden aan verlengde overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (“TOZO”)

Het kabinet verlengt de versoepelde regeling om zelfstandig ondernemers waaronder zzp’ers te ondersteunen, zodat zij een vergrote kans hebben om hun bedrijf te kunnen voortzetten. Zelfstandigen kunnen bij hun gemeente aanvullende inkomensondersteuning krijgen voor levensonderhoud. Deze vult tot eind augustus 2020 het inkomen aan tot het sociaal minimum en hoeft niet te worden terugbetaald.

De verlengde regeling gaat een partnerinkomenstoets bevatten. Dit betekent dat alleen huishoudens met een inkomen onder het sociaal minimum aanspraak kunnen maken op een tegemoetkoming in het levensonderhoud. Op deze manier wordt de ondersteuning voor levensonderhoud gericht op het garanderen van het sociaal minimum op huishoudniveau.

Ondersteuning blijft ook mogelijk in de vorm van een lening (van maximaal € 10.157) voor bedrijfskapitaal, tegen een verlaagd rentepercentage. Zelfstandig ondernemers wordt in de verlengde regeling gevraagd om te verklaren dat geen sprake is van surséance van betaling of faillissement.

Voor ontslagen flexwerkers die niet voldoen aan de voorwaarden voor WW of bijstand werkt het kabinet op verzoek van de Tweede Kamer aan een tijdelijke en uitvoerbare oplossing.

Coronakredietverlening en -garanties aan ondernemers (BMKB, GO, KKC, COL)

De extra, verruimde of meer toegankelijke kredietverlening en -garanties aan kleine en middelgrote bedrijven, startups en scale-ups uit het eerste noodpakket lopen door. Zo houden of krijgen ook deze bedrijven toegang tot bijvoorbeeld financiering door banken. Het gaat om de coronamodules van de Borgstelling Midden- en Kleinbedrijf-regeling (“BMKB”) en de Garantie Ondernemingsfinanciering-regeling (“GO”), de nieuwe Klein Krediet Corona-garantieregeling (“KKC”) en het verhoogde budget van de SEED Capital-regeling.

De Corona Overbruggingslening (“COL”) die bijdraagt aan de verbetering van de liquiditeitspositie van innovatieve bedrijven (startups en scale-ups) krijgt vanwege het grote aantal ingediende aanvragen een tweede tranche van € 150 miljoen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: