HVK Stevens
08/10/2020 HVK Stevens

BIK en fiscale verliesverrekening

Afgelopen Prinsjesdag kondigde het kabinet al aan nog te komen met twee belangrijke fiscale maatregelen: de Baangerelateerde Investeringskorting (“BIK”) en fundamentele wijzigingen in de fiscale verliesverrekening voor vennootschappen. Deze week heeft het kabinet de concrete plannen aangeboden aan de Tweede Kamer. HVK Stevens bespreekt de impact op uw onderneming.

Baangerelateerde Investeringskorting (“BIK”)

Wat is de BIK?

Deze regeling is bedoeld om bedrijven te stimuleren investeringen te blijven doen in de huidige coronacrisis. De regeling houdt kortweg in dat bedrijven een bepaald percentage van hun gedane investeringen in bedrijfsmiddelen in aftrek kunnen brengen op hun afdracht van loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen.

Hoeveel bedraagt de BIK?

Voor investeringen tot € 5.000.000 per kalenderjaar geldt een aftrekpercentage van 3%, voor het meerdere een percentage van 2,44%.

Voor welke investeringen geldt de BIK?

Voorwaarde is dat wordt geïnvesteerd in nieuwe bedrijfsmiddelen waarvoor op of na 1 oktober 2020 een contractuele verplichting wordt aangegaan. Daarnaast moet het gehele investeringsbedrag met een laatste betaling in 2021 of 2022 volledig zijn betaald én moet het bedrijfsmiddel binnen 6 maanden na de laatste betaling in gebruik zijn genomen. Voor investeringen waarvoor in 2020 verplichtingen worden aangegaan, kan het voordelig zijn indien een laatste betalingstermijn in 2021 wordt afgesproken. Onduidelijk is of de ingebruikname ook dient te worden uitgesteld tot ná de laatste betaling.
Verder gelden minima voor het investeringsbedrag per bedrijfsmiddel (€ 1.500) en voor het totaalbedrag aan investeringen per BIK-aanvraag (€ 20.000). Niet voor de BIK kwalificeren onder meer investeringen in gronden, woonhuizen, personenauto’s die niet zijn bestemd voor beroepsvervoer over de weg, vaartuigen en bedrijfsmiddelen die hoofdzakelijk ter beschikking worden gesteld aan derden.

Hoe werkt de BIK bij groepen van vennootschappen?

Bij groepen van vennootschappen worden investeringen en afdrachtverminderingen alleen en verplicht gepoold indien en voor zover deze vennootschappen onderdeel zijn van een fiscale eenheid voor de heffing van vennootschapsbelasting. Pooling is voordelig indien door de hogere gecombineerde afdracht van loonbelasting en premies ook een grotere afdrachtvermindering geclaimd kan worden en ook wanneer inhoudingsplichtigen investeringsbedragen van andere vennootschappen kunnen overnemen. Pooling is nadelig indien de gecombineerde investeringen daardoor het bedrag van € 5.000.000 bereiken en op het meerdere het verlaagde kortingspercentage van 2,44% van toepassing wordt.

Hoe kan ik de BIK aanvragen?

De BIK kan aangevraagd worden bij de Rijksdienst voor ondernemend Nederland (“RVO”) door elke inhoudingsplichtige voor de loonheffingen (zowel natuurlijke personen als rechtspersonen). Zodra de inhoudingsplichtige van RVO een BIK-verklaring ontvangt, kan de inhoudingsplichtige de afdrachtvermindering toepassen die volgt uit de BIK-verklaring op de af te dragen loonbelasting en premie volksverzekeringen over het kalenderjaar waarin de BIK-verklaring is afgegeven.
De totale over een kalenderjaar af te dragen loonbelasting en premie wordt niet verder verminderd dan tot nihil. In een voorkomend geval kan het tijdstip van afgifte van de BIK-verklaring dus relevant zijn. De verwachte doorlooptijd bij RVO bedraagt 12 weken. Inhoudingsplichtigen kunnen maximaal één BIK-aanvraag per kwartaal indienen. De aanvraag dient te zijn gedaan binnen 3 maanden na afloop van het kalenderjaar waarin de laatste betaling voor een investering heeft plaatsgevonden. Het kabinet verwacht dat vanaf 1 september 2021 de eerste BIK-aanvragen ingediend kunnen gaan worden.

Tot wanneer geldt de BIK?

De BIK eindigt met ingang van 1 januari 2023. Voor investeringen die in 2022 worden gedaan en ook betaald, kan nog tot en met 31 maart 2023 een BIK-aanvraag worden ingediend.
Eind 2021 zal het RVO een schatting maken van de geclaimde BIK voor het kalenderjaar 2021. Op basis van die schatting zal het Ministerie van Financiën bepalen of de BIK voor 2022 op onderdelen aangepast moet worden.

Wijziging fiscale verliesverrekening in de vennootschapsbelasting

Wat gaat er wijzigingen in de fiscale verliesverrekening?

Fiscale verliezen zullen vanaf boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2022 onbeperkt in de tijd voorwaarts verrekenbaar worden. Voor verliezen die worden geleden in boekjaren die zijn aangevangen op of na 1 januari 2019 bedraagt die termijn maximaal zes boekjaren.
Tegelijk wordt echter vanaf die boekjaren de omvang van de in aanmerking te nemen verliezen beperkt: boven de eerste € 1.000.000 zal slechts 50% van de belastbare winst beschikbaar zijn voor verliesverrekening. Over 50% van de belastbare winst boven € 1.000.000 zal met andere woorden vanaf 2022 vennootschapsbelasting betaald moeten worden.

Geldt de beperkte verliesverrekening ook voor achterwaartse verrekening?

De beperkte verliesverrekening boven € 1.000.000 gaat ook gelden bij achterwaartse verliesverrekening. De termijn voor achterwaartse verrekening blijft ongewijzigd: één boekjaar.

Per wanneer wijzigt de fiscale verliesverrekening?

De wijzigingen zullen van toepassing zijn op alle fiscale verliezen die ontstaan in boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2022 of die bij aanvang van die boekjaren nog voorwaarts verrekenbaar zijn. Dat betekent dat fiscale verliezen die in 2020 en 2021 worden geleden als gevolg van de coronacrisis onbeperkt in de tijd voorwaarts verrekenbaar zullen worden maar boven € 1.000.000 vanaf 2022 voor slechts de helft benut kunnen worden.

Moet ik actie ondernemen met het oog op de gewijzigde verliesverrekening?

Voor ondernemingen die op dit moment beschikken over substantiële compensabele verliezen maar een significante winst verwachten is het voordelig om deze winst fiscaal nog in 2021 te realiseren. Of dat mogelijk is, dient van geval tot geval te worden beoordeeld.
Voor ondernemingen met substantiële verliezen kan het ondanks de onbeperkte voorwaartse verrekening nog steeds voordelig zijn om deze verliezen te ‘verjongen’. Dat is het geval indien op termijn belastbare winsten worden verwacht boven € 1.000.000. Aangezien fiscale afschrijving en amortisatie niet in omvang beperkt wordt, kan afschrijving of amortisatie in een voorkomend geval fiscaal aantrekkelijker zijn dan voorwaartse verliesverrekening.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: